header

dinsdag, 08 mei 2018 12:48

Is Nederland wel voorbereid op snellere stijging van de zeespiegel?

De zeespiegel stijgt. Om Nederland te beschermen tegen overstromingen, moeten we de komende jaren onze waterkeringen blijven versterken. Dat is geen geheim. Maar wat als de zeespiegel sneller stijgt dan verwacht omdat de opwarming van de aarde doorgaat en het ijs op Antarctica blijft smelten?

Andere landen kijken jaloers naar de manier waarop de waterveiligheid in Nederland is geregeld. De verschillende overheidslagen – Rijk, waterschappen, provincies – hebben elk hun eigen budgetten en duidelijke verantwoordelijkheden. Het Deltaprogramma voor de langetermijnveiligheid van ons land op watergebied wordt gecoördineerd en geactualiseerd door de deltacommissaris, die ook de uitvoering ervan begeleid. Zo op het oog lijkt de Nederlandse waterveiligheid dus goed geborgd.

Vraagtekens
Hans Middendorp zet daar vraagtekens bij. De wateradviseur en publicist, voormalig hoogheemraad, schreef vorig jaar een open brief aan het kabinet. Daarin riep hij op om nieuwe Deltawerken te initiëren en een dijk in zee te bouwen. Hij vraagt zich af of het huidige Deltaprogramma wel het antwoord is op de klimaatverandering. “Het adaptieve watermanagement, waarbij we stapje voor stapje ons hoogwaterbeschermingsprogramma uitbouwen, heeft ons veel gebracht. Maar het ontneemt ook het zicht op wat er nodig is in de verdere toekomst."
Deltacommissaris Wim Kuijken ziet dat anders. Hij noemt Nederland het enige land ter wereld dat zich nu al probeert voor te bereiden op effecten van klimaatverandering die pas over decennia zullen optreden. “Laten we niet vergeten hoe bijzonder dat is. Onze hele strategie is erop gericht de passende antwoorden te vinden. Iedere vijf jaar herijken we het Deltaprogramma. Als we zien dat de zeespiegel sneller stijgt, hebben we tijd genoeg om de waterkeringen op het gewenste niveau te brengen.”

Cijfers
Middendorp schreef zijn brandbrief naar aanleiding van nieuwe cijfers van het KNMI. Het meteorologisch instituut becijferde vorig jaar het worstcasescenario: een zeespiegelstijging van 2,5 tot 3 meter is deze eeuw niet uitgesloten als de opwarming van de aarde en de CO2-uitstoot niet minder worden. Onderzoekers van de Universiteit van Utrecht onderzochten vorig jaar de invloed van het smelten van de ijskappen van Antartica en Groenland op de zeespiegelstijging. Ze kwamen tot de conclusie dat de zeespiegel in de Noordzee deze eeuw 1,5 meter kan stijgen, zelfs als de CO2-uitstoot wordt verminderd.

Invloed Antarctica op stijging zeespiegel
“Er leven nogal wat misverstanden over onze reguliere klimaatscenario’s en zo’n worstcasestudy als die van vorig jaar”, zucht Sybren Drijfhout. Hij is fysisch oceanograaf van het KNMI en hoogleraar Dynamica van het Klimaat aan de Universiteit Utrecht. Het KNMI voorspelt niet hoe snel de opwarming van de aarde gaat of hoe hoog de zeespiegel stijgt. “Het zijn what if-scenario’s: wat gebeurt er met de zeespiegel als de aarde op een bepaald moment met een bepaald aantal graden is opgewarmd?”
Het KNMI onderscheidt zes componenten die de zeespiegelstijging wezenlijk beïnvloeden: thermische uitzetting – bij hogere temperaturen zet het water uit -, het smelten van gletsjers, het smelten van ijskappen, grondwaterstanden, luchtdrukverschillen en de vorming (of afkalving) van ijsbergen. Bij het laatste element komt Antarctica om de hoek kijken, de belangrijkste reden tot bezorgdheid.
Drijfhout: “We dachten lang dat Antarctica vrij stabiel was. Maar dat valt tegen. Er gaat een stroom landijs richting zee. Drijvende ijsplaten vormen momenteel nog een tegenkracht, maar daar zijn er al twee van afgebroken. Het afbreken van zo’n ijsplaat is een kantelpunt en kan voor een acute ombuiging van de trend zorgen. Zulke gebeurtenissen verklaren ook waarom de klimaatscenario’s steeds pessimistischer worden. We gaan nu uit van een grotere zeespiegelstijging dan een paar jaar geleden. Waarschijnlijk zullen we onze scenario’s steeds bij blijven stellen, want er is nog heel veel onduidelijk.”

Parijs
Die onduidelijkheid bracht Kuijken ertoe kennisinstituut Deltares opdracht te geven verschillende scenario’s en hun implicaties voor het Deltaprogramma te onderzoeken. Dit onderzoek loopt nog. Veel zal volgens de Deltacommissaris afhangen van de uitvoering van de Klimaatakkoorden van Parijs. “Als we de afgesproken doelen halen, heeft dat natuurlijk een matigend effect op de klimaatverandering en de stijging van de zeespiegel. De opwarming van de aarde tegengaan, lijkt me dan ook een noodzakelijke bijdrage aan het behoud van droge voeten aan het einde van de eeuw.”
Drijfhout ontkent niet het belang van de klimaatakkoorden. Hij wijst er wel op dat de opwarming van de aarde tot nu toe al een proces van zeespiegelstijging in gang heeft gezet. “Als we niks doen, gaat het pas echt fout. Dat laat ons onderzoek van vorig jaar duidelijk zien. De ijsplaten zijn al aan het smelten. Al stoten we vanaf morgen geen CO2 meer uit, de zeespiegel zal blijven stijgen. Hoe snel dat gaat, dat is nog de enige discussie. het staat vast dat het gaat gebeuren en voor Nederland grote gevolgen zal hebben.”

Meer urgentie en ambitie
“Kort en goed hebben we in Nederland behoefte aan veel meer urgentie over dit onderwerp”, stelt Middendorp. “Zandsuppletie, waar we de kust nu mee beschermen, biedt niet oneindig soelaas. Als we de toekomst niet uit kunnen stellen, moeten we haar omarmen. En waarom zouden we daarmee wachten?” Middendorp pleit daarom voor een ambitieuze agenda van de Nederlandse overheid. Hij stelt onder andere voor om tien kilometer uit de kust een dijk aan te leggen. “Daar zijn in de loop der jaren al heel veel plannen voor gepresenteerd. Het is de veiligste optie en biedt Nederland ongekende nieuwe mogelijkheden. We komen nu aan alle kanten ruimte te kort. Laten we de denkkracht die in Nederland aanwezig is bij elkaar halen en eindelijk wat ambitie en creativiteit tonen.”
Drijhout sluit zich daarbij aan. Hij zou in elk geval willen dat er een serieus onderzoek komt naar een Plan B, om in te zetten als de pessimistische voorspellingen over zeespiegelstijging blijken te kloppen. “Van alle landen die getroffen worden door klimaatverandering, verkeert Nederland in de gelukkige situatie dat we het geld hebben om de benodigde maatregelen te treffen. Maar laten we dan in elk geval onderzoeken welke maatregelen we willen nemen en vooral ook bij welke klimaatscenario’s we gaan besluiten dat de huidige plannen van de Deltacommissaris niet meer voldoende zijn?

Alle opties open
De Deltacommissaris is ervan overtuigd dat Nederland goed is uitgerust om ook een extremere zeespiegelstijging het hoofd te bieden. “Zelfs in het meest pessimistische scenario, stijgt de zeespiegel niet morgen, overmorgen of volgend jaar tot onaanvaardbare hoogte. Dat wordt op zijn vroegst rond 2050 zichtbaar. Omdat we de klimaatontwikkelingen intensief monitoren, is er genoeg tijd om de benodigde maatregelen te nemen. Ook als de klimaatscenario’s aanleiding geven tot ingrijpender maatregelen dan we nu verwachten.”
Kuijken verwacht dat de Nederlandse kust de komende jaren beschermd kan worden via een combinatie van keringen, dijken, zandsuppletie en duinzones. “Er is op dit moment geen aanleiding om een dijk om Nederland te bouwen”. Maar hij sluit niet uit dat in de toekomst ook ingrijpender maatregelen nodig zijn. De deltacommissaris werkt daarom meerdere scenario’s uit en benadrukt daarbij alle opties open te houden.
De adaptieve strategie is daarvoor volgens hem juist bij uitstek voor geschikt. In de komende Deltaplannen worden ook maatregelen voor na 2050 in beeld gebracht. “We hebben alle mogelijke manieren om ons land te beschermen tegen hoogwater op de plank staan.” Daarmee heeft de politiek volgens Kuijken ruim de tijd om op tijd de goede beslissingen te nemen. “En dat geldt niet alleen voor de politiek in Den Haag, maar ook voor de bestuurders van steden en provincies. Klimaatverandering gaat over meer dan alleen de zeespiegelstijging.”

Draagvlak
Als er rigoureuzere maatregelen nodig zijn om heel Nederland te beschermen tegen hoogwater, is daar volgens Drijfhout (KNMI) een breed draagvlak onder de bevolking voor nodig. “Er staat zoveel op het spel voor Nederland en in het slechtste geval heb je het over enorme projecten. Ga die eerlijke discussie daarom aan. Het zou heel goed zijn als de overheid aan de burgers laat zien wat er kan gebeuren en wat de kosten van verschillende oplossingen zijn. Leg de opties maar op tafel.”
Het overlegmodel dat is gebruikt bij de invoering van het programma Ruimte voor de Rivier, noemt deltacommissaris Kuijken een goed model van de toekomst. Bij de ontwikkeling van dit project is zoveel mogelijk samen met omwonenden en belanghebbenden beslist over de precieze invulling. “Als het gaat om waterveiligheid, is het vertrouwen van de Nederlanders in de overheid onverminderd groot. Maar natuurlijk zullen we op heel veel plekken in Nederland met de betrokkenen om tafel gaan.”
De discussie over de stroomgeul bij Varik, die moet worden aangelegd om hoogwaterstanden in de Waal de baas te kunnen, laat echter ook zien dat de belangen van omwonenden soms botsen met het grotere belang van waterveiligheid voor een groter gebied. Middendorp: “Ik zie het probleem van die omwonenden wel. En ik weet ook niet of die hoogwatergeul de beste oplossing is. Maar Nederlanders leven nog met een misplaatst gevoel van veiligheid. Het gevoel van urgentie moet echt omhoog. Daar hebben de media, de wetenschap en de politiek volgens mij een belangrijke taak.”

Hans Middendorp is lid van de redactie advies commissie van Land+Water.

Laat een reactie achter

Zorg ervoor dat u de verplichte (*) velden invult waar dit is aangegeven. HTML code is niet toegestaan.

Zoeken

Direct met ons in contact?

Adverteren in ons blad of op de website? 
Neem contact op met Frank van Gils
tel.: 06-53 88 82 66
e-mail: f.gils@bdu.nl

Een artikelidee voor de redactie?
Neem contact op met Teus Molenaar
tel.: 06-51578447
e-mail: tmlandenwater@gmail.com 

Advertenties