Slakken De afgelopen maanden was het elke ochtend weer een verrassing wat ik zou aantreffen als ik de straat waar ik woon uit fietste. Het lelijkste gebouw van de stad werd gesloopt. Met de precisie van een chirurg werden delen van het gebouw nauwkeurig ontleed, waarna de brokstukken op maat werden gesorteerd. Een mysterieuze dans van verschillende kranen en werktuigen werd in fases uitgevoerd om het puin te verwerken tot kleiner materiaal, dat vervolgens werd opgehaald door grote trucks, voor verwerking elders. Na jaren studie en werk op het gebied van ontwerp en bouw van civieltechnische constructies verbaasde het mij om te zien hoe ingenieus het slopen van deze constructies in elkaar zit. Wat mij nog meer verbaast is dat er in de huidige civieltechnische opleidingen weinig tot geen aandacht wordt besteed aan de sloop van datgene wat allemaal zo enthousiast wordt ontworpen. Tot in het grootste detail wordt men getraind om de ingewikkeldste constructies te ontwerpen en door te rekenen. Maar door al dit creërende enthousiasme wordt vergeten om erop te wijzen dat het bedenksel geen eeuwig leven heeft en op een gegeven moment opgeruimd zal moeten worden. Door dit besef wel mee te nemen tijdens het ontwerp zullen duurzamere en wellicht goedkopere oplossingen worden bedacht. En nu ligt er al weer een tijdje een braakliggend terrein te wachten op een mooie nieuwe bestemming. De plannen liggen klaar, maar zoals de ervaring leert zal het nog een hele tijd duren voordat de eerste palen de grond in gaan. Dus vullen de kuilen zich met water en spelen kinderen ‘moerasje’ in de modderpoelen die inmiddels ontstaan zijn. Daar moet toch meer van te maken zijn, denken de buurtbewoners. De eerste prenten van een stadsstrand zijn al in het lokale sufferdje verschenen en er gaan geruchten over het in het geniep zaaien van veldbloemen, om het geheel er wat aardiger te laten uitzien. In het artikel ‘Eigenlijk is iedere bestemming tijdelijk’ schrijven Hildegard Schulte et al. over een nieuw ruimtelijk instrument voor een rendabel gebruik van braakliggende of gereserveerde gronden. Verder wordt in het dossier ‘Gebiedsontwikkeling’ aandacht geschonken aan geïntegreerde contractvormen, de ervaringen met integrale gebiedsontwikkeling bij het plan Enkele Wiericke en bouwen met de natuur in de stad. In een recent bericht van het Actieteam ‘Ontslakken gebiedsontwikkeling’ las ik dat de gemeente waar ik in woon zal meedoen aan een eerste pilot om het soms stroperige proces van gebiedsontwikkeling vlot te trekken. Weer een interessante ontwikkeling in het vakgebied die zich in mijn voortuin afspeelt. Daar hoort u binnenkort vast meer van. Anna du Prie Redactie-coördinator Land+Water
|
juni 2013 nummer 6 |
2009 © copyright 'Land+Water'
'Land+Water' is een uitgave van Koninklijke BDU Uitgevers B.V. , Postbus 67, 3770 AB Barneveld.
