header

dinsdag, 16 juli 2019 09:38

Wat te doen tegen een kustlijn die wegkwijnt?

Ieder jaar brengt Rijkswaterstaat miljoenen kubieke meter zand aan op de Nederlandse stranden en vlak voor de kust. Hierdoor wordt gewaarborgd dat Nederland niet kleiner wordt. Ook gebruikt Rijkswaterstaat het zand om ervoor te zorgen dat het totale zandgebied rondom de kust kan meegroeien met de zeespiegelstijging. Hoe komt het dat onze kust steeds verder ‘wegkwijnt’ en wat doet de overheidsdienst hieraan? Gert Jan Harpe van het kustonderhoudprogramma legt het uit.

Nederland verliest structureel zand langs de kusten, maar hoe komt dat? “Dat zijn voornamelijk natuurlijke processen”, vertelt Harpe. “Eb en vloed, golven, wind en zeespiegelstijging zorgen ervoor dat de kust steeds verder afslijt, ofwel erodeert. Het zand langs de Nederlandse kust wandelt van zuid naar noord, richting de Wadden en verder richting Noord-Duitsland en Denemarken. Van nature wordt er geen zand vanuit de rivieren aangevoerd naar de Nederlandse kust, dus de totale zandaanvoer is kleiner dan de afvoer. Ook zware stormen dragen bij aan erosie.”

Extra erosie
Het erosieproces is een natuurlijk proces, maar hoe zit het met de menselijke ingrepen, zoals dijken of waterkeringen? Harpe: “Onder druk van het vloedgetij wil het water recht vooruit stromen, maar harde constructies zoals de pieren bij IJmuiden, de Tweede Maasvlakte of dijken voorkomen dat. Dit kan lokaal voor extra erosie zorgen. Zand haalt juist de kracht uit de golven. Het afvoeren van zand kost energie, waardoor golven afzwakken. Daarom zorgen we ervoor dat er voldoende zand blijft om mee te nemen.”

Basiskustlijn
Om te bepalen of en waar de kust erodeert, meet Rijkswaterstaat jaarlijks de ligging van de kust met vliegtuigen en schepen, van Schiermonnikoog tot aan Cadzand in Zeeland. Op basis van deze metingen vergelijkt de dienst de kustlijn met de basiskustlijn, die in 1990 is vastgesteld. De uitkomsten van deze vergelijking vormen de input voor de gedigitaliseerde kustlijnkaart. Harpe: “Pas als er op zo’n locatie met overschrijding sprake is van structurele erosie, als er kustfuncties in het geding komen die baat hebben bij een suppletie en als het onderhoud economisch efficiënt uitgevoerd kan worden, wordt de locatie opgenomen in ons onderhoudsprogramma.”

Suppletie met zand uit de Noordzee
Rijkswaterstaat haalt het zand voor de suppleties uit de Noordzee. Dat gebeurt vanaf de -20 m NAP-lijn uit de Nederlandse kust. Het zand in de Noordzee ligt niet voor het uitzoeken, vertelt Harpe. “In de wet staat dat we niet onbeperkt zand mogen winnen. Daar zijn regels voor. Zo mogen we tot een afstand van 12 mijl (zo’n 20 km) vanaf de kust zand winnen. Ook de ruimtelijke inrichting van het kustgebied legt ons beperkingen op: windmolens op zee en kabels en leidingen in de zeebodem vormen voor zandwinning een obstakel, net als conventionele explosieven uit de Tweede Wereldoorlog.”

Ecologische effecten zandsuppletie
Een van de grote uitdagingen voor de komende jaren is om duidelijk te krijgen wat het effect van zandsuppletie op de natuur is. “We willen Nederland beschermen tegen de zee, maar daarbij zo min mogelijk de dieren en planten in en langs het water schaden. Dat vraagt om verstandig kustonderhoud, waarbij we monitoren wat het effect is van zandsuppletie. Wat gebeurt er bijvoorbeeld met het bodemleven op het moment dat we zand winnen en dichter aan land weer aanbrengen? Dat onderzoeken we samen met natuurorganisaties binnen het convenant Natuurlijk Veilig.”

Samenwerking met stichting LaMER
Ook vanuit de huidige vergunning voor zandwinning op de Noordzee – die loopt tot 2027 – doet Rijkswaterstaat onderzoek hiernaar met stichting LaMER. Harpe vertelt dat er bij een van deze onderzoeken is gekeken naar wat er allemaal op de zeebodem is afgezet, bijvoorbeeld aan zand en slib. “Hierdoor konden we zandwingebieden selecteren met heel weinig slib. Door op deze manier slim zand te winnen hopen we eventuele schade voor planten en beestjes in zee te voorkomen als gevolg van vertroebeling door vrijkomend slib.”

Goed beleid
Harpe besluit: “De komende jaren wordt nog meer onderzoek gedaan, zodat we nog beter zicht krijgen op het ecologische effect van kustonderhoud en als dat nodig is maatregelen kunnen nemen. Wij hebben 350 km kustlengte in Nederland met schitterende natuur. Voor het behoud daarvan is nu eenmaal onderhoud nodig, maar dit moet wel met goed beleid gebeuren. Een belangrijke opgave voor de komende jaren.”

Laat een reactie achter

Zorg ervoor dat u de verplichte (*) velden invult waar dit is aangegeven. HTML code is niet toegestaan.

Zoeken

Direct met ons in contact?

Adverteren in ons blad of op de website? 
Neem contact op met Frank van Gils
tel.: 06-53 88 82 66
e-mail: f.gils@bdu.nl

Een artikelidee voor de redactie?
Neem contact op met Teus Molenaar
tel.: 06-51578447
e-mail: tmlandenwater@gmail.com 

Advertenties