Forever chemicals: onduidelijkheid over PFAS

Water/Bodem
Kwaliteit 
‹ Terug naar overzicht
Geplaatst op:
Het is een term waar jarenlang amper over gesproken werd en ineens hoor je het overal. PFAS. Vier letters die talloze bouw- en baggerprojecten inmiddels krakend tot stilstand hebben gebracht. In gesprek met Stepforward, een bedrijf dat gespecialiseerd is in verontreinigd vastgoed.

PFAS is een verzamelnaam voor een groot aantal chemicaliën, de Per- en PolyFluorAlkyl Stoffen. De 6.000 individuele stoffen die tot de stofgroep behoren, zijn volgens de wetenschap zeer schadelijk voor bodem- en watersystemen. En dit heeft uiteindelijk ook effect op de mens. Daarnaast blijken de stoffen niet meer te verdwijnen en liggen diffuus verspreid door heel Nederland. Met een aantal hotspots in bijvoorbeeld de Drechtsteden rondom Chemours. De eigenschappen die deze stoffen zo gewild maken, zorgt dat ze nu in de media tot ‘forever chemicals’ gedoopt worden. 

Tijdelijk handelingskader

PFASIn juli 2019 komt het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat met een (tijdelijke) norm. Bouwbedrijven zijn opgetogen, eindelijk komt er helderheid. “Ook wij waren zeer verheugd dat er eindelijk duidelijke richtlijnen zouden komen”, vertelt Stefan Wemmenhove. Hij is directeur van Stepforward, een bedrijf dat gespecialiseerd is in de aanpak van verontreinigde locaties en deze weer een zinvolle bestemming geeft. Helaas slaat de euforie al snel om in blinde paniek. Het ‘Tijdelijk Handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie’ blijkt onmogelijke eisen te stellen omtrent het hergebruik van de grond. Een flinke uitdaging, ook voor Stepforward. Wemmenhove: “Elke locatie is nu verdacht; tot het tegendeel wordt bewezen. Concreet houdt onze dienstverlening in dat wij ontwikkeling en bodemaanpak combineren, waardoor een optimaal resultaat wordt behaald. Ook maken we locaties geschikt voor (her)ontwikkeling en nemen we bodemverontreinigingen of zelfs gehele locaties risicodragend over. Alleen al in de Drechtsteden zijn wij op veel locaties (ruim 850.000 m2) actief. Kortom, we hebben voortdurend te maken met deze complexe problematiek.” 

Normering

Grond die met minimale hoeveelheden PFAS is vervuild, mag niet worden hergebruikt. Op die manier is het humane risico minimaal. In deze norm gaat het om microgrammen. Normaal wordt er bij verontreinigingen gesproken van milligrammen per kilogram. Voor grond en baggerspecie boven grondwaterniveau is onderscheid gemaakt tussen een drietal specifieke (meest voorkomende) stoffen. Voor PFOS ligt de norm op 3 µg /kg, voor PFOA op 7 µg /kg en GenX eveneens 3 µg /kg (de 373 regel). Een belangrijk criterium vormt de plaats van toepassen. Bovenstaande normen gelden namelijk voor toepassingen boven de grondwaterspiegel of tot 1 meter minus maaiveld (m-mv) bij lage grondwaterstanden. Bij het toepassen onder de grondwaterspiegel of dieper dan 1 m-mv geldt voor alle PFAS de ondergrens van 0,1 µg /kg.

Onderzoek

PFASGetalsmatig een vrij overzichtelijk geheel, maar de nieuwe normen worden zelden behaald. In ruim 80 procent van de analyses wordt de stof teruggevonden. Daarnaast zijn er maar weinig onderzoeksbureaus die dit onderzoek kunnen doen. Laboratoria kunnen de plotselinge grote vraag niet aan. Er ontstaan enorme wachtlijsten wat zorgt voor een vertraging van talloze bouwprojecten en saneringen. Weer een klap voor de sector die nog maar kort daarvoor geconfronteerd werd met de strengere maatregelen rondom het stikstofbeleid. 

Afzetmogelijkheden

Joost van Schijndel is senior bodemadviseur bij Stepforward. Het handelingskader heeft grote gevolgen voor zijn projecten. “Overal waar je in voorbereiding bent van bodemsaneringen worden vertragingen opgelopen. Bodemonderzoeken moeten opnieuw worden uitgevoerd om te controleren op eventueel aanwezige PFAS, zodat er zekerheid kan worden gegeven over de mogelijke afzetmogelijkheden en kosten. Het komt nu voor dat er geen afzetmogelijkheden zijn, omdat de normen worden overschreden en landelijk dezelfde situatie ontstaat zoals rond de Drechtsteden. Daar werden opdrachtgevers geconfronteerd met saneringsgrond dat meer dan een jaar verdween in een depot in afwachting van de regelgeving. Geen wenselijke situatie. Door het tijdelijk handelingskader is dit probleem niet opgelost, maar uitvergroot naar een landelijk probleem”, legt hij uit. Hij vervolgt: “Een ander probleem dat zich vaak voordoet, is dat er contractueel al afspraken zijn gemaakt over de kosten van de sanering. Het nieuwe beleid dwingt om deze afspraken opnieuw tegen het licht te houden in verband met de mogelijke extra (afzet-) kosten. De analyses van deze grond kunnen wekenlang duren en daarna wacht alweer het volgende probleem. Want waar kan je met al die vervuilde grond terecht?” 

Afvalwerking

Afvalbedrijven en verwerkers weigeren de grond die vervuild is met PFAS uit angst voor de gevolgen. Op dit moment kun je met grond die boven de normen uitkomen bijna nergens terecht. Enkele bedrijven die grond van derden accepteren, doen dit maar in beperkte hoeveelheden en tegen hoge tarieven. Voor een project betekent dit dat deze kosten nog bovenop de extra kosten voor de bodemonderzoeken komen. De oplossing laat nog op zich wachten. Je zou bijvoorbeeld kunnen denken aan speciale opslagplaatsen, maar dit stapelt in een razend tempo op. Amerikaanse onderzoekers van Princeton University hebben onlangs een bacterie ontdekt die de stoffen grotendeels afbreekt: ‘Acidimicrobium bacterium A6’. Dit zou een doorbraak kunnen zijn, maar helaas nog niet op korte termijn. 

Buitenland

De problematiek rondom PFAS beperkt zich niet tot onze landsgrenzen. Jeroen Meisters, directeur van RSK Netherlands, een internationaal adviesbureau vertelt: “PFAS wordt tot op de Noordpool teruggevonden en is wereldwijd een probleem. Echter zijn nog lang niet alle landen hier actief mee bezig. Binnen onze Group kan ik wel zeggen dat Nederland en België worden gezien als kenniscentrum. In Engeland begint de bewustwording te komen en in Duitsland is het ‘business as usual’. Het Oostblok daarentegen heeft het onderwerp nog helemaal niet op de agenda staan. Maar laten we niet vergeten dat het in Nederland tot afgelopen jaar ook nog niet als een groot probleem werd gezien!” Hij vervolgt: “Je ziet dat landen zoals Amerika en Canada, maar ook de Scandinavische landen vooroplopen en veel meer onderzoek doen. Eerst meten en inventariseren, dan pas normen stellen lijkt mij de juiste volgorde en effectiever dan hoe we dit nu in Nederland aanpakken.”

Humaan risico?

Blijft de hamvraag, is de gestelde norm fair? Een vergelijking: het RIVM heeft het humane risico berekend van PFOA en de grens ligt hierbij op 86 µg /kg voor het gebruik in moestuinen, het meest gevoelige gebruik. In veel gevallen blijven de gemeten hoeveelheden van de stof ruim onder deze grens. We spreken volgens Van Schijndel dan eigenlijk niet meer over risico’s: “Het probleem moet absoluut niet worden gebagatelliseerd, want PFAS is een sterk en giftig goedje. Maar de norm lijkt nu veel te streng en er is eigenlijk niet mee te werken. Het is zeer situatie- en locatieafhankelijk of er sprake is van een humaan risico. In de buurt van Dordrecht werd een pluim gevonden waar hoge concentraties PFAS in de grond zitten. Hier wil je geen groenten verbouwen in een moestuin.” 

Paard van Troje

De ooit zo geliefde PFAS blijken een soort Paard van Troje te zijn. Ze zijn binnengehaald als iets geweldigs, maar zijn nu verantwoordelijk voor veel ellende. De discussie die momenteel wordt gevoerd gaat over 23 PFAS-stoffen, maar er zijn er duizenden. Gaan al deze stoffen in de ban? En welk alternatief is er dan? Het RIVM zal in 2020, op basis van de nu gehouden laboratoriumonderzoeken, een nieuw advies aan het ministerie geven. Bouwend Nederland en het kenniscentrum PFAS zijn continue met de ambtenaren van I&W in overleg, zodat de impasse hopelijk snel kan worden doorbroken. Want tot nu toe kent de gehele situatie enkel verliezers. 

Joost van Schijndel is sr. bodemadviseur; Stefan Wemmenhove is directeur en Linda Huijgen is communicatieadviseur (allen bij Stepforward).