Hoogwater toont ernstige vervuiling rivieren

Water/Bodem
Kwaliteit 
‹ Terug naar overzicht
Geplaatst op:
Het hoge water in de rivieren, waarvan eind deze week een piek wordt verwacht, zal Nederland de dagen daarna weer tonen hoe groot het afvalprobleem is. Wie een kijkje gaat nemen op de rivieroevers als het water weer gezakt is, zal schrikken van alles wat er is aangespoeld. Vorig jaar vonden vrijwillige afvalonderzoekers van Schone Rivieren na het hoge water in het voorjaar gemiddeld maar liefst 450 stuks afval per 100 meter rivieroever. We vrezen dat dit ook nu weer zo is. Daarom is het hoog tijd dat het tij wordt gekeerd en het afvalprobleem effectief wordt aangepakt.

Aanstaande donderdag en vrijdag wordt de piek verwacht in de Rijn, Waal en IJssel. Afgelopen dagen steeg ook het hoogwaterpeil in de Maas. Door regen- en smeltwater van sneeuw stijgt hier het waterpeil. Laaggelegen gebieden overstromen, zoals parkeerplaatsen bij recreatieplekken, waar altijd behoorlijk wat afval wordt achtergelaten.

Rivieren vol afval

Als het water weer zakt, zullen we merken wat het water heeft meegebracht. Net als elk voorjaar na hoog water, liggen de rivieroevers vol afval, vooral plastic. Honderden burgerwetenschappers van Schone Rivieren doen in het voor- en najaar rivierafvalonderzoek op oevers langs deze rivieren.

De verwachting is dat er ook de komende monitoringsperiode grote hoeveelheden afval worden aangetroffen. Verreweg het meeste afval bestaat uit ondefinieerbare stukjes plastic. Ooit zijn dit bijvoorbeeld snoepverpakkingen geweest, maar inmiddels is de herkomst niet meer herleidbaar.

Het onderzoek maakt het afvalprobleem in onze rivierdelta duidelijk zichtbaar en daarmee de urgentie voor effectieve aanpak. Tussen 15 februari en 15 maart gaan vele honderden Schone Rivieren-vrijwilligers weer op pad om het afval langs de Nederlandse rivieroevers in kaart te brengen.

Statiegeld op blik

Het onderzoek van Schone Rivieren, een initiatief van IVN Natuureducatie, Stichting De Noordzee en Plastic Soup Foundation, is het meest grootschalige afvalonderzoek in de Nederlandse rivierdelta. Met behulp van burgerwetenschap worden twee keer per jaar gegevens verzameld. Het wordt uitgevoerd op basis van de OSPAR-methode. Dit is een internationaal erkende methode voor het onderzoeken van afval op stranden. Deze methode is aangepast zodat deze ook toepasbaar is voor rivieren. Het onderzoeksgebied, dat al bestond uit de Maas, de Waal, de IJssel, de Nieuwe Waterweg, de Dordtse Kil, de Oude Maas, het Hollands Diep en het Haringvliet is het afgelopen jaar verder uitgebreid met de Nederrijn, de Lek, Grevelingen, Oosterschelde en Westerschelde.

Een onderzoeksgebied bestaat uit 100 meter rivieroever. Vanaf de waterlijn tot aan de aaneengesloten begroeiing wordt afval verzameld en genoteerd. Stichting De Noordzee voert controlemetingen uit om de kwaliteit te waarborgen. Ook dragen de analyses bij aan de kennis over de verplaatsing van afval in de Nederlandse riviersystemen.

Drankverpakkingen blijven de oevers van de Nederlandse rivieren teisteren. Uit onderzoek van Schone Rivieren op bijna 300 locaties werden bij vier op de vijf metingen plastic flesjes gevonden en bij twee derde van de metingen blikjes. Waar de drankverpakkingen werden aangetroffen, waren dit per 100 meter gemiddeld 11 flesjes en 7 blikjes. Omgerekend betekent dit dat langs de Maas ruim 46.000 flesjes en blikjes liggen. En dat geldt voor één maand in de herfst. Over het hele jaar zijn dit er nog veel meer. “Verontrustend”, meent Marijke Boonstra van het samenwerkingsverband Schone Rivieren. “Het is daarom goed dat statiegeld op plastic flesjes en blikjes wordt ingevoerd. Die urgentie is met onze laatste metingen opnieuw aangetoond.”