Waterkwaliteit van kleine wateren nog steeds onvoldoende

Water/Bodem
Kwaliteit 
‹ Terug naar overzicht
Geplaatst op:
2600 burgers onderzochten deze zomer de kwaliteit van kleine wateren zoals slootjes, vennen, vijvers, grachten en kleine plassen in Nederland. Dit in het kader van het burgeronderzoek ‘Vang de Watermonsters’. Slechts 1 op de 5 van de onderzochte wateren is van goede kwaliteit, laten de onlangs gepresenteerde resultaten zien. De overige tachtig procent heeft een matige tot slechte kwaliteit. Wetenschappelijke controlemetingen door het Nederlands Instituut voor Ecologie (NIOO-KNAW) bevestigen deze conclusie en het onveranderde beeld van een kleiner onderzoek vorig jaar. Het onderzoek is een initiatief van Natuur & Milieu en de ASN Bank. Dit jaar sloten ook zeven waterschappen en de Unie van Waterschappen aan. Gezamenlijk roepen zij alle waterpartners nu op door te pakken op effectievere samenwerking, om het doel, overal gezond en schoon water in 2027, daadwerkelijk te bereiken.

“Waterschappen hebben de afgelopen jaren veel geïnvesteerd in het verbeteren van de waterkwaliteit. De resultaten van ‘Vang de watermonsters’ laten echter zien dat we met alle waterpartners, van waterschappen, gemeenten, drinkwaterbedrijven, provincies, tot landelijke overheid, nog voor een enorme opgave staan. Zorgen voor schoon water moet, dat lukt alleen samen”, aldus Sander Mager, bestuurslid van de Unie van Waterschappen.

Iedereen kan helpen de waterkwaliteit te verbeteren

Rob van Tilburg, directeur Programma’s van Natuur & Milieu, wijst erop dat de resultaten van dit onderzoek een duidelijk signaal afgegeven: “Het moet op veel plekken echt beter. Dit water is het leefgebied van vogels, insecten, vissen en planten. We genieten er dagelijks van. Maar door vervuiling loopt de biodiversiteit gevaar en wordt onze drinkwaterzuivering steeds moeilijker en duurder. Er is dringend actie nodig. De waterpartners zijn allemaal gedeeltelijk verantwoordelijk voor de waterkwaliteit in Nederland en moeten beter samenwerken. Maar ook de gebruikers van het watersysteem: bedrijven, boeren en burgers hebben een eigen verantwoordelijkheid en kunnen bijdragen aan het verder verbeteren van de waterkwaliteit.”

Resultaten burgeronderzoek en wetenschappelijke controlemeting

De burgerwetenschappers onderzochten zelf met een meetkit en online instructies de ecologische toestand van een klein water in hun buurt. Het burgeronderzoek wijst uit dat 57 procent van de onderzochte wateren slecht scoort (troebel, kroos, algen), 23 procent matig (tekenen van vervuiling) en 20 procent goed (helder, ondergedoken planten, waterleven). Het NIOO-KNAW-onderzoek bevestigt het zorgelijke beeld van de waterkwaliteit. De wetenschappers onderzochten ruim honderd locaties (een representatieve selectie) opnieuw en voegden daar een stikstof- en fosfaatmeting aan toe. Net als vorig jaar is bij 76 procent van de wateren die NIOO-KNAW onderzocht, de stikstof- en/of fosfaatwaarde boven de algemene richtlijn. De waterkwaliteit inclusief deze nutriënten is bij maar liefst 87 procent van de wateren in dit onderzoek slecht.

Ongezond en gezond water

De kleine wateren vormen een derde van het Nederlandse oppervlaktewater, maar worden niet systematisch meegenomen in de officiële kwaliteitsmetingen voor de Kaderrichtlijn Water (in heel Europa schoon en gezond water in 2027). Deze wateren zijn een kraamkamer van de natuur. Er is vervuiling voor door bijvoorbeeld mest, lozingen, bestrijdingsmiddelen, riooloverstort en medicijnresten. Stikstof en fosfaat horen van nature thuis in water, maar door bijvoorbeeld mest en riooloverstortingen kan de concentratie hoger zijn. In dat geval kunnen veel plant- en diersoorten die oorspronkelijk in en rond het water voorkomen niet meer gedijen. Planten als kroos gedijen er juist té goed en dat heeft een verstikkende werking op het waterleven. Een watertje van goede kwaliteit is onder meer helder en er zijn verschillende soorten waterplanten en diverse waterdieren.