Renovatie kademuur Thorbeckegracht Zwolle

Waterbouw
Vaarwegen 
‹ Terug naar overzicht
Geplaatst op:
Langs de Thorbeckegracht in Zwolle, over een afstand van 600 meter, ligt een kademuur uit 1910, die één van de beeldbepalende objecten van het stadscentrum vormt. Herstel bleek noodzakelijk. Dit is gelukt met behoud van het historisch karakter van de keerwand.

Deze kademuur (een gemetselde keerwand gefundeerd op houten palen) is meer dan honderd jaar oud. Het gebruik van de kademuur is in de loop van de tijd veranderd en daarmee ook de eisen die eraan gesteld worden. De kademuur dient te voldoen aan de moderne eisen voor constructieve veiligheid waarbij de omgevingshinder minimaal is. Toch dienen ook de historische aanblik en de onderliggende geschiedenis behouden te blijven. Is aan deze schijnbaar tegengestelde eisen tegelijkertijd te voldoen? De gemeente Zwolle laat zien dat dit mogelijk is door inzet van historisch onderzoek, inspectie, innovatieve versterkingsmethodiek en een beheer- en onderzoeksstrategie.

Historie Thorbeckegracht

kademuur


Foto: PersBuro Frans Paalman Zwolle

Uit archiefonderzoek zijn gegevens bekend over de Thorbeckegracht vanaf 1850. In die tijd bestond de kademuur uit houten damwanden. Op locaties waar losactiviteiten plaatsvonden werden stenen kademuren gebouwd. Op de kademuur bevond zich ook een trambaan. De industriële activiteiten namen ten gevolge van verdergaande industrialisatie in de loop van de tijd toe. In 1910 werd besloten voor de toenmalige kade (gebouwd tussen 1800 en 1850) een nieuwe kademuur te plaatsen. De oude kademuur is hierbij zoveel mogelijk onaangetast gebleven. In de loop der tijd zijn ontwerpgegevens verloren gegaan. Jammer, want juist deze historische gegevens zoals foto’s, bestekgegevens, gegevens over de eigenaren en het gebruik van de kademuur, geven een goede indicatie hoe de kademuren destijds zijn ontworpen en met welke kademuurbelastingen rekening is gehouden. Historisch onderzoek laat zien dat de kademuur in het verleden als onder andere laad- en loskade is gebruikt.  Gedeeltes van de kademuur uit 1850 zijn nog steeds aanwezig in de ondergrond.  De nu zichtbare kademuur is uit 1910 en nog steeds functioneel in gebruik. De kademuur wordt nu gebruikt als grondkering voor parkeervakken waar licht verkeer parkeert. Deze belasting is overeenkomstig met die van het gebruik van de kademuur als laad- en loskade. Van overbelasting bij de huidige verkeersbelasting in de binnenstad (waarbij zwaar verkeer wordt uitgesloten) is dan ook geen sprake. De houten fundatie dient wel in goede staat van onderhoud te zijn.

Onder water

De kademuur bestaat uit een gemetselde kering gefundeerd op een in hout uitgevoerde fundatie bestaande uit lood-/schoorpalen, dwarsbalken en een kesp. Voordat de Afsluitdijk werd aangelegd (1932) stond de binnenstad onder invloed van eb en vloed.  Bij extreme lage waterstanden kwamen de houten palen in contact met zuurstof. Na aanleg van de Afsluitdijk werd de waterstand beter, maar ook bij Zuidoosten storm kwam door laag water de houten fundatie bloot te liggen met aantasting als gevolg. Bij het onderzoek zijn alle fundatiepalen en kespen onder water geïnspecteerd en is de degradatie ingemeten. De degradatiemetingen en de onderwaterinspectie vormen de basis voor de beoordeling van de staat van onderhoud van de houten fundatie en voor de bepaling van de restlevensduur. Uit het onderzoek kwam naar voren dat bij ca. 10 procent van alle 371 paal-kespconfiguraties de staat van onderhoud zodanig slecht was dat vervanging noodzakelijk was. Daarnaast is gebleken dat nog ca. 10 procent van de palen naar verwachting binnen tien jaar vervangen dienen te worden. Er zijn zeven hotspots als slecht gekwalificeerde paal/kespconfiguratie gelokaliseerd. Hierbij dient gedacht te worden aan het niet meer functioneel zijn van de lood- en of schoorpaal door degradatie aan de kopse einden, splijten van de kesp door de bout, of het ontbreken van schoor-/loodpalen/kespen en oplegvlakken.  Bij deze locaties was volledige renovatie van de fundatie noodzakelijk (kesp en de houten palen). Het ging veelal om locaties waar in het verleden de meeste industriële activiteit heeft plaatsgevonden. Deze paal-kesp configuraties zijn inmiddels door de gemeente Zwolle gerenoveerd. Naast het slechte gedeelte van de kademuur is ca. 10 procent ook aangetast maar minder ernstig.  Vaak betreft het verminderen van het oplegvlak van een lood-of schoorpaal of het lokaal ontbreken van een lood-of schoorpaal. In de komende onderhoudscyclus zullen deze locaties worden gerenoveerd. Op basis van berekeningen van aantastingsnelheden en analyses van degradatiemechanismen en de degradatiesnelheid van de houtconstructie is een inschatting gemaakt van de restlevensduur van de kademuur. De verwachting is dat de goede onderdelen van de kademuur nog minimaal 25 jaar meegaan, – onder voorwaarde dat de degradatie van de houtconstructie wordt gemonitord. De staat van onderhoud van het metselwerk onder water is door middel van radarinspectie onderzocht. Het radaronderzoek liet zien dat er geen grote scheuren aanwezig zijn in het metselwerk. Dit geeft aan dat er geen grote overbelastingen met zettingen of zettingsverschillen zijn opgetreden.

Twee opties

ThorbeckegrachtVoor het toekomstbestendig maken van de kademuur zijn twee mogelijkheden beschouwd: de fundatie herstellen en versterken door de kademuur integraal te vervangen, en de fundatie lokaal verstevigen en de historische kademuur behouden. Bij het integraal vervangen van de totale kademuur worden de fundatie en de kademuur volledig vervangen. Dit leidt weliswaar tot een robuuste constructie, maar ook tot hoge kosten en veel omgevingshinder. Bij het lokaal versterken van de kademuur worden de houten palen en kesp vervangen door een trillingsvrij aangebrachte stalen portaalconstructie bestaande uit stalen buispalen en een stalen kesp. De portaalconstructie wordt tussen de bestaande houten kespen geplaatst. De horizontale stabiliteit wordt gewaarborgd door de momentvaste hoekconstructie. Het betreft een innovatieve, arbeidsintensieve methodiek met hoge kosten per strekkende meter kademuur, waarbij de omgevingshinder minimaal is. Deze constructie wordt grotendeels onder water door duikers gerealiseerd. Hierdoor is geen bemaling en een grote bouwput nodig waardoor de verkeers- en omgevingshinder minimaal is. Bovendien blijven zowel de huidige kademuur uit 1910 als de historische kademuur uit 1850 volledig intact. Netto contante waarde berekeningen waarbij de gehele levenscyclus van de kademuur wordt meegenomen, laten een besparing van meer dan 50 procent zien, omdat slechts lokaal wordt gerenoveerd. Wel dient de staat van onderhoud van de fundatie de komende periode intensief te worden bijgehouden. Hiervoor is een inspectiestrategie opgesteld, gebaseerd op het continu monitoren van verplaatsingen en scheurvorming. Eveneens is een vijfjaarlijkse inspectie van kespen en palen (duikonderzoek) in deze strategie opgenomen. 

Oude muur teruggevonden

In 2017-2019 hebben renovatiewerkzaamheden bij vijf hotspots bestaande uit ca. vijf stalen paal/kesp-configuraties plaatsgevonden. Dit jaar (2020) dienen nog twee hotspots te worden gerenoveerd waarmee de constructieve veiligheid van de kademuur voor het huidige gebruik is gewaarborgd. In 2021 vindt wederom een integrale inspectie plaats; op basis waarvan een nieuw renovatieplan wordt opgesteld. Tot dusver heeft er nauwelijks tot geen omgevings- en verkeershinder plaatsgevonden. De renovatiekosten zijn gering (ca. drie ton voor de ‘zware renovatie’) t.o.v. de beraamde investering van ca. negen miljoen voor totale renovatie van de kademuur. De historische, oorspronkelijke kademuur is bij ontgravingswerkzaamheden weer teruggevonden. Bijvoorbeeld aan de Thorbeckegracht nr. 34 waar de stoomboot van Hermannus Visscher was gelokaliseerd. Deze stoomboot voer vier keer per dag en ook ’s nachts naar Amsterdam. Hierdoor zijn de palen ter plekke wat meer aangetast. Door het beperkte ruimtegebruik van de innovatieve versterkingsmethode kan de oude historische kademuur gehandhaafd blijven. En is de gemeente Zwolle in staat gebleken historie en huidige eisen samen te voegen zonder hoge kosten en zonder veel omgevingshinder.

René Weersink is projectleider; Bart Meijerink is operationeel beheerder Civiele kunst- en waterwerken; Mark Heideveld is beheermanager Water en Gerrit de Leeuw is adviseur (allen bij de gemeente Zwolle).

Dit artikel is afkomstig uit Land+Water 1/2-2020, nog geen abonnee? Klik hier!