De Circulaire Weg, een nieuw circulair businessmodel

Klimaat 07-11
De Circulaire Weg, een nieuw circulair businessmodel

De Circulaire Weg (DCW) is een innovatief initiatief dat niet alleen naar technische vernieuwing kijkt, maar ook naar samenwerking, contracten en financiële modellen om een échte verandering teweeg te brengen. Zo werken ze aan een nieuw, circulair businessmodel.

De Circulaire Weg, een nieuw circulair businessmodel

Het verminderen van het gebruik van grondstoffen en terugdringen van CO2-uitstoot in de infrastructuursector is een immense uitdaging. En urgent: in 2030 kunnen we nog maar 50 procent primaire grondstoffen gebruiken en moet de bouwsector 400.000 ton CO2-emissie gereduceerd hebben. Circulair werken bij aanleg, beheer en hergebruik van infrastructuur, zoals wegen, biedt een veelbelovende oplossing maar komt nog weinig voor in Nederland. DCW wil die manier van werken versnellen.

De Circulaire Weg, een nieuw circulair businessmodel

Het ambitieuze programma wil circulariteit in de infrasector bevorderen met een model gebaseerd op infra-as-a-service. Het initiatief is een samenwerking tussen toonaangevende ketenpartners: publieke opdrachtgevers, bouwbedrijven, financiële instellingen en advies- en ingenieursbureaus. Wat houdt de door hen ontwikkelde aanpak nu precies in?

De Circulaire Weg, een nieuw circulair businessmodel

Rentmeesterschap

De kern van het model is rentmeesterschap: de aannemer blijft (economisch) verantwoordelijk voor de weg. Hierdoor focust hij niet alleen op duurzame keuzes bij de aanleg van de weg, maar draagt hij bij aan duurzame oplossingen voor de hele levensduur. De aannemer heeft als eigenaar/beheerder direct belang om duurzame, hoogwaardige en onderhoudsarme materialen toe te passen. Daardoor verlaagt hij onderhoudskosten, verlengt de levensduur of- zorgt ervoor dat de materialen of het hele werk hoogwaardig hergebruikt kan worden. Dit leidt tot een fundamenteel andere manier van ontwerpen, bouwen en onderhouden.

Ketenpartners leren samen

Tussen 2020 en 2022 is in zes projecten, variërend van bermmeubilair tot provinciale en binnenstedelijke wegen in de praktijk gekeken hoe het DCW-model bijdraagt aan het behalen van circulaire doelstellingen. De TU Delft constateerde indrukwekkende resultaten: een vermindering van milieukosten tot 80 procent, uitstekende bescherming van materialen gemeten in de Material Circularity Index (MCI) en lagere totale levenscycluskosten.

Begin 2023 is daarom het tweede partnerprogramma van start gegaan. Opnieuw wordt het concept toegepast in verschillende projecten, dit keer behalve bij gemeenten ook bij Rijkswaterstaat. Naast het uitvoeren van de projecten, werken de partners gezamenlijk aan een toolkit met instrumenten voor aanbesteding, financiële afspraken en contracten. Die resultaten worden eind 2024 aan de sector gepresenteerd. De TU Delft onderzoekt het opschalingspotentieel voor de gehele sector. Op deze manier streeft De Circulaire Weg ernaar om tegen eind 2024 een schaalbaar en breed toepasbaar model te hebben.

Circulaire doelen

De opdrachtgever stuurt vooraf op circulaire doelen, monitort prestaties en beloont op basis van het behalen van deze doelen. Deze nieuwe rolverdeling wordt ondersteund in het model op drie manieren: samenwerking, contractafspraken over doelen en eisen en financiële prikkels. Het is van belang dat elk van deze aspecten het circulair denken en werken ondersteunt in plaats van tegenwerkt.

Samenwerking: verantwoordelijkheid voor de duurzame doelen van een opdrachtgever kan alleen gedeeld worden met de opdrachtnemers door ze in alle stappen van de levenscyclus te betrekken. Dat betekent vroeg in het proces om tafel, maar ook een goede samenwerking in de beheer- en onderhoudsfase. Dit vraagt een andere instelling en gedrag van beide partijen. Dit is soms uitdagend, maar juist op dit vlak hebben de projecten goede resultaten laten zien, zoals de deelnemers aangeven in het eindrapport: “We ontwikkelen samen prima gereedschap met contractteksten en financiële modellen, maar échte betrokkenheid blijft de basis voor succes.” (Dura Vermeer)

Doelen en eisen in uitvraag en contract: Een aannemer kan het best verantwoordelijkheid nemen voor de meest duurzame manier waarop een werk gemaakt kan worden als het werk functioneel wordt uitgevraagd. Denk: ‘een passage over/onder dit water die x auto’s per uur een snelle doorstroming garandeert én y% milieukosten reduceert’ in plaats van ‘een brug, met dit ontwerp en deze materialen’. Door maatschappelijke doelen toe te voegen, als ‘met zo laag mogelijke milieukosten’ of ‘waarbij het werk zo lang mogelijk zijn waarde behoudt’, kunnen de marktpartijen juist in hun ontwerp, materiaalkeuze en onderhoudsplan afwegingen maken met grote impact op circulariteits- en klimaatdoelen. “Op die manier wordt optimaal gebruik gemaakt van hun marktkennis en innovatiekracht.” (Sweco)

Financiële afspraken: bij De Circulaire Weg beloont de opdrachtgever circulair bouwen tijdens de looptijd én bij einde contract. In plaats van 1 keer te betalen bij oplevering van een project, betaalt hij periodiek tijdens de hele beheer- & onderhoudsperiode. Er is een financiële prikkel om tijdens de contractperiode nog milieukosten te verlagen zodat de duurzaamheidswinst niet stopt bij het opleveren van het werk. Daarnaast werkt De Circulaire Weg met een restwaarde. Heeft de aannemer meer waarde behouden dan vooraf gedacht of de levensduur verlengd, dan wordt hij daarvoor beloond. Werken met bijv. modulaire ontwerpen, herbruikbare componenten of materialen en een onderhoudsregime wat een lange levensduur garandeert, komt beter uit de bus door deze betalingsstructuur.

Uitdagingen en vervolg

Behalve successen zijn er natuurlijk ook uitdagingen die de partners samen proberen te doorbreken. Het toepassen van zo’n baanbrekend model is niet eenvoudig. De verhouding tussen één publieke opdrachtgever en een competitief veld van aanbieders maakt het complex een dienstverleningsovereenkomst voor lange termijn te sluiten. Omdat de levensduur van een weg altijd langer zal zijn dan de contractduur is het kunnen bepalen van restlevensduur en restwaarde erg belangrijk.

Ook is het voor opdrachtgever én opdrachtnemer lang niet altijd makkelijk om het gedrag te laten zien wat de nieuwe rol vraagt. Minder voorschrijven en meer in de regierol stappen als beheerorganisatie, of proactief communiceren over de staat van de weg als aannemer gaat niet altijd in één keer goed. Gemeente Amersfoort: “Het vereist niet alleen technische aanpassingen, maar ook een verandering in mindset en het nemen van soms moeilijke beslissingen.” Maar dat loont uiteindelijk wel. “Normaal krabben we ons drie keer achter de oren voordat we bijvoorbeeld straatmeubilair kiezen. Wordt dat gemaakt van nieuwe grondstoffen of van gerecycled materiaal? Het grote verschil in deze projecten is dat je kijkt naar het verbruik gedurende de hele levensduur van het werk. En hoe kun je van A tot Z verduurzamen?” Dat dit smaakt naar meer is duidelijk. Na twee projecten in partnerprogramma 1 start Amersfoort binnenkort met het derde DCW-project.

De resultaten van het eerste partnerprogramma en informatie over het lopende programma zijn te vinden op www.decirculaireweg.nl.

Partnerprogramma De Circulaire Weg is een samenwerking van Gemeente Amsterdam, Rijkswaterstaat, Gemeente Amersfoort, Ballast Nedam, Dura Vermeer, Sweco, Gemeente Veenendaal, NWB Bank, phbm en TU Delft.

Frederike Noppers is programmamanager De Circulaire Weg.